Skip to content
Olga Ketellapper – Journalist

Duiken in de Maarsseveense Plassen

Bij mooi weer trekt heel Utrecht naar de Maarsseveense Plassen om af te koelen. Maar hoe ziet het eruit onder de waterspiegel? De Dakhaas dook onder, met een camera.

Het miezert al de hele dag en buiten is het 15 graden. De watertemperatuur van de Maarsseveense plassen blijft met 12 graden nog wat achter. Op de grasveldjes om de plassen heen, die op een warme dag niet te zien zijn vanwege de vele mensen die er liggen te zonnen, is vandaag niemand te bekennen. Er zijn ook een hoop plekken waar ik op dit moment liever zou willen zijn dan in water van 12 graden in de regen.

Maurice is mijn buddy en gids tijdens deze introductieduik. Hij is divemaster bij Lake Diving Utrecht en duikt bijna wekelijks in de plassen, zelfs in de winter. Hij vertelt dat de Maarsseveense Plassen zijn ontstaan als veenafgraving in de zeventiende en achttiende eeuw. Later is er zand afgegraven om de A2 aan te leggen. De plas bestaat uit een diep gedeelte, dat op sommige plekken 32 meter diep is, en een ondiep gedeelte. In de winter houden de meeste vissen zich op in het diepere (en koudere) gedeelte van de plas. Nadat ik mijn duikbrevet heb laten zien en vragenlijsten over mijn medische conditie en veiligheid heb ingevuld krijg ik een uitleg over wat er allemaal te zien is onder water. Vervolgens mag ik mijn duikuitrusting aantrekken.

Ik ben zo dik ingepakt dat ik nauwelijks kan ademen. Wetsuit van 7 mm, hesje, cap over m’n hoofd, handschoenen (3 maten te groot), schoenen, trimvest met duikfles. Als het koude water mijn wetsuit binnen sijpelt wil ik er direct weer uit. Het voelt aan als ijs. Maar het went en samen met Maurice vertrek ik onder water. De bodem loopt langzaam af vanaf de kant en we gaan steeds dieper het geelbruine water in. Zodra ik iets zie dat later een baby-rivierdonderpadje blijkt te zijn vergeet ik de kou.

Het voorjaar, mei en juni, is de beste periode om te duiken, legt Maurice uit. “ Het water is dan nog wel koud, maar er is weinig algengroei en daardoor is het zicht veel beter. Aan het eind van het seizoen kan het water 20 graden zijn, maar loopt het zicht ook terug tot één meter.” Vandaag kunnen we ongeveer zeven meter ver kijken, maar door het geelbruine water is het lastig om iets te onderscheiden.

Plotseling wijst Maurice naar een zilveren vlek. Ik schrik als ik vlakbij een gevaarlijk uitziende bek zie. Dit moet een snoek zijn, want het beest is langer dan een meter. Snoeken kunnen één meter veertig worden, heeft Maurice me van tevoren verteld. Een snoek is een roofvis, die qua uiterlijk nog het dichtst in de buurt van een barracuda komt. Ze wachten hangend achter een object als een rietkraag of steen tot hun prooi van baarzen en voorns voorbij zwemt en ze aan kunnen vallen.

Opeens zwemmen we door een oprijlaan met aan twee kanten ‘bomen’ van wilgentakken. “Omdat er niet zo heel veel te zien is, hebben we allerlei niet-natuurlijke elementen onder water aangelegd”, vertelt Maurice. Er liggen onder andere autobanden, een roeibootje en wilgentakken. “De lange lijnen van autobanden helpen met navigeren en de rivierdonderpadjes wonen erin. Andere objecten vinden vissen weer leuk om zich achter te verschuilen bij het jagen of om eieren in te leggen.” Als we verder zwemmen zien we aan een haag van wilgentakken lange strengen eieren van baarzen hangen. “De eieren van baarzen zweven na het afzetten door het water, tot ze zich hechten aan takken, waterplanten of bomen. Waarschijnlijk zijn deze eieren giftig, daarom hoeft de baars niet bij zijn eieren te blijven, in tegenstelling tot de snoek”, lees ik op de website van Lake Diving. Ik vraag me af hoe de vissen het redden voordat duikers objecten in het water plaatsten.

Na een half uurtje heb ik het zo koud dat ik mijn handen en voeten niet meer kan bewegen. Ik kan nog net het gebaar voor ‘ik heb het koud’ gevolgd door ‘ik wil naar boven’ maken. De score van vandaag: heel veel garnaaltjes, een paar rivierdonderpadjes, heel veel eieren van de baars, nog een snoek en een karper. Niet slecht. Baarzen, voorns en paling, die ook in de Maarsseveense Plassen zwemmen, zien we niet.

Duiken in de Maarsseveense Plassen is best wel indrukwekkend. Maar ik had eigenlijk niet willen weten van het bestaan van vissen van 1 meter 40 in het water waar ik regelmatig in zwem. Ik ben blij dat we geen ringslangen hebben gezien, die ook regelmatig gespot worden in de rietkragen.

Ook duiken: Lake Diving duikt het hele jaar door op zaterdag in de Maarsseveense Plassen. De vereniging deelt een gebouw met de Utrechtse Kano Club. De meeste andere Utrechtse duikverenigingen duiken in de Vinkeveense plassen. www.lakediving.nl